
Na de Tweede Wereldoorlog ging Edgar Fernhout (1912-1974) zijn stillevens, portretten en landschappen stap voor stap losser schilderen, in een wisselwerking tussen toon en toets. Na de dood van zijn moeder Charley Toorop, 'springt' hij in 1958 over op de abstracte weergave van de natuur: bomen, duinen, strand en zee, onder verschillende weersomstandigheden, in verschillende seizoenen met de wisseling van dag en nacht. Met de verfstreken en de keuze van de kleuren gaf hij niet het uiterlijk van de natuur weer, maar zijn beleving daarvan. Na 1970 gebruikt hij kleur en toets steeds minder om het motief ritmisch te structureren, maar worden deze middelen steeds meer onderwerp van het schilderen zelf. Bij zijn dood op 4 november 1974 had Fernhout zich ontwikkeld van een schilder die de zichtbare werkelijkheid weergeeft tot een schilder die zijn eigen werkelijkheid zichtbaar maakt. Die ontwikkeling wordt in dit boek zichtbaar gemaakt. Expositie: Museum voor Moderne Kunst, Arnhem, 14 november 2009 - 1 februari 2010.
Page Count:
208
Publication Date:
2009-01-01
No comments yet. Be the first to share your thoughts!